Selective serotonine reuptake inhibitors and adverse pregnancy outcome

S Wu Wen et al. 

AJOG (2006); 194:191-6

In dit artikel hebben Wen en medewerkers een methodologische fout over het hoofd gezien. Uitkomsten van dit onderzoek zijn daarom ons inziens niet gerechtvaardigd.

De onderzoekers vergeleken groepen depressieve zwangeren met SSRI (antidepressiva) gebruik in de zwangerschap met een groep gezonde zwangeren zonder SSRI gebruik (twee variabelen dus).
Dit betekent dat de SSRI-groep foetussen blootgesteld waren aan persisterende stress van de moeder èn aan SSRI’s. Blootstelling aan langdurige stress gedurende de zwangerschap is geassocieerd met aangeboren afwijkingen, laag geboortegewicht, vroeggeboorte enz. Derhalve kan alleen een vergelijking, gemaakt tussen depressieve zwangeren mèt en zonder SSRI gebruik in de zwangerschap, een antwoord geven op de vraag of er een toegenomen incidentie van aangeboren afwijkingen bestaat bij SSRI gebruik in de zwangerschap. Daarenboven is de hechting tussen moeder en kind in het geding bij onbehandelde depressieve moeders.

Reactie Pop-poli

In dit artikel hebben Wen en medewerkers een methodologische fout over het hoofd gezien.

De onderzoekers vergeleken groepen depressieve zwangeren met SSRI (antidepressiva) gebruik in de zwangerschap met een groep gezonde zwangeren zonder SSRI gebruik (twee variabelen dus).

Dit betekent dat de SSRI-groep foetussen blootgesteld waren aan persisterende stress van de moeder èn aan SSRI’s. Blootstelling aan langdurige stress gedurende de zwangerschap is geassocieerd met aangeboren afwijkingen, laag geboortegewicht, vroeggeboorte enz. Derhalve kan alleen een vergelijking, gemaakt tussen depressieve zwangeren mèt en zonder SSRI gebruik in de zwangerschap, een antwoord geven op de vraag of er een toegenomen incidentie van aangeboren afwijkingen bestaat bij SSRI gebruik in de zwangerschap. Daarenboven is de hechting tussen moeder en kind in het geding bij onbehandelde depressieve moeders.